zondag 19 januari 2020

Splinters yn 'e tonge





In veel gezinnen wordt gemord,
bij het likken van een bord.

Ik doe dat soms, maar ‘k zeg gewis,
dat het een ode aan de kookster is.

Erger was ons omke Jan.
Zijn tong verdween in elke pan.

Het deerde ome ook geen flikker:
zijn bijnaam was ‘de pannenlikker’

De kleine kop van deze man,
paste ook in elke pan

Zijn tong was ruw als van een rund
en raakte zelfs het diepste punt.

Op ’t laatst stond Jan, in ‘restaurant,
te likken aan de afwasband.

Omke kreeg een aardig loon.
De pannen waren brandend schoon.

Maar omke trof een droevig lot.
De oorzaak was een houten pot.

Hij likte met zijn bruutste kracht.
Werd zwaar gewond naar Sneek gebracht.

Een tong vol splinters, een operatie,
een echte ramp, een amputatie.

Nu leeft omke, met een heel klein tongetje
en likt een lolly als een jongetje.

In Friesland lees je, o wat zuur,
dit voorval aan de tegelmuur.


Dy ’t alle potten en pannen beslikje wol, kriget op it lêst splinters yn ‘e tonge.

woensdag 15 januari 2020

Spreuken over 'aarde'


Als ’t laatste uur geslagen heeft,
dan kan je iemand bellen
Om je, zo gezegd:
ter aarde te bestellen.

En als je bij ’t bestellen
Vol lof wordt uitgestald
dan hoop ik dat je overschot
in goede aarde valt

dinsdag 14 januari 2020

Aan Bacchus offeren


Boven op een hoge berg
leeft Bacchus in extase.
Ariadne, zijn vriendin,
die neemt hij daar  te grazen.

De wijn, het bier en sterker vocht;
de drank vloeit hier in stromen
en als je hem een vaatje brengt,
dan mag je er ook komen.

Daarboven, bij het orgie-feest’
als je aan Bacchus offert,
springen nimfen om je heen;
dan ben je wel een ‘boffert’.

Maar wees er wel op voorbedacht:
als je boven hebt gezopen,
dat je met een reuzenkater,
‘t dal weer in moet lopen.

Daar loop je zeker flink voor lul.
Men ziet  je zatte kop.
Je offerde aan Bacchus
en hield niet tijdig op.

woensdag 8 januari 2020

Het lid op de neus

nr. 5 in een serie over gezegden en spreekwoorden


Iemand krijgt het lid op de neus’.
Dat wordt wel gezegd, en dát meen ik heus.

Bij deze spreuk, vind ik gewis:
‘Een lid op de neus, is niet zo fris’.

Waarbij ik bedenk, hoe of men kijkt,
als dat lid pardoes de neuspunt bereikt.

Voordat je nu aan wat ‘raars’ gaat denken:
’t gaat niet om een clublid, waarnaar je kan wenken.

Het lid waarvan ik schrijf, is voor iedere man:
het deksel van een tinnen kan.

Een kan vol bier en grote slokken,
leiden tot nasale brokken.

Wie zijn bier drinkt, als een gulzige bok,
krijgt het lid, gewoon op zijn gok.

Of met netter woordenkeus:
Wie het onderste uit de kan wil, krijgt het lid op zijn neus.




vrijdag 3 januari 2020

Een krakende wagen


Tante Adèle uit ’s Gravenhage,
was wat men noemt, ‘een oude van dagen’.
Op tien dagen na, was zij al honderd,
maar zij is helaas, van de trap af gedonderd.

In het gips op een bed, dat was niet voor ’t eerst.
Haar hele bestaan, was door dokters beheerst. 
En als je familie haar bijnaam zou vragen,
kreeg je als antwoord: ‘de krakende wagen’.

Tante dacht: ‘ze zijn bedonderd;
De gouden koets, en bijna honderd.
Maar nu in ’t gips, hopen de zakken,
Dat ik door (en in) mijn as ga zakken.’ 

Op haar verjaardag, menig vrouw en man,
zong ‘lang zal ze leven’; meenden niets daarvan.
Intussen was Adèle in en vloek en een  zucht
 als krakende wagen, die hufters ontvlucht.

 Adèle, werd zomaar honderdzeven.
Haar haven en goed,  gaf zij weg in haar leven.
De notaris verstrekte haar geld en inventaris, 
aan een wagenmuseum in Weet-ik-waar-is.

Zij wilde geen kaarten, op haar graf staat een steen:
Hier rust Adele, te vroeg ging zij heen.
Er visten velen, maar wég was de vangst
De krakende wagen, liep  toch nog het langst.’


woensdag 1 januari 2020

Een koe in de kont kijken

nr. 3 in serie gedichten over gezegdes en spreekwoorden



Je zal je leven niet verrijken
door koeien in de kont te kijken

Een toekomst wordt niet opgebouwd
door rotzooi die is uitgekauwd 

Een beter leven vraagt je dat
je koeien bij de horens vat

Iemand een oor aannaaien



Henk Jansen, 
uit het stadje Goor
die had op rechts 
een bloemkooloor

Het oorformaat 
was werk’lijk bar
Hij leek wel op 
een groentekar

Hij werd gepest
door eigen spruit
en nam pardoes 
een ferm besluit:

Dat oor moet eraf!

Bij een plastisch chirurg
met reputatie
onderging Henk
een oortransplantatie

Henk Jansen was weer
Als herboren:
een gloednieuw oor
en beter horen

Toen kwam de nota
 van een ton
Woedende Henk vroeg
hoe dat kon

‘Gewoon’ zei de dokter,
‘ik ben gehaaid
en heb u vakkundig
een oor aan genaaid’.